Epilepsie bij de hond en kat
INLEIDING
De epilepsiepatiënt is een zorgenkind. Het blijft een wat
ongrijpbare ziekte die heel wat impact kan hebben op een
eigenaar en zelfs het hele gezin. Wie voor het eerst van
zijn leven een epilepsie aanval bij zijn huisdier meemaakt
schrikt vaak enorm. 'Het leek wel of de hond of kat dood
ging'', horen we een eigenaar vaak zeggen. Vaak zit een
eigenaar met heel veel vragen. Wij zullen proberen hier op
de meest dringende vragen een antwoord te geven.
WELKE DIEREN KRIJGEN EPILEPSIE?
In tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt, is epilepsie
niet een ziekte die alleen bij rashonden voorkomt. Het komt,
helaas, zeer regelmatig voor bij allerlei soorten honden.
Zowel bij rashonden als bij kruisingen en bastaarden. Bij
katten is de aandoening zeldzamer en ook zeker niet
voorbehouden voor de raskat. We kunnen dus ook niet zomaar
de schuld geven aan de fokker als een hond of kat epilepsie
heeft. Overigens is het af te raden om te fokken met honden
of katten die aan epilepsie lijden, omdat er toch wel
aanwijzingen bestaan dat erfelijkheid een rol kan spelen bij
het ontstaan van epilepsie.
HOE ZIET EEN EPILEPSIE AANVAL ERUIT?
De verschijnselen van epilepsie kunnen variëren van heel
licht tot zeer ernstig. Een klassieke epilepsie aanval bij
de hond begint meestal met plotseling onrust,
dronkemansgang, door de poten zakken, paniekerig hijgen,
grote angstogen, vertrokken bek, kwijlen enz. Vrijwel altijd
ontstaat de toeval vanuit een rustsituatie, vaak vanuit de
slaap. In enkele gevallen ontstaat de toeval juist tijdens
actie, zoals de wandeling, schrik of opwinding. Soms beperkt
de toeval zich tot het hier beschreven beginstadium. Het kan
zijn dat het dus niet tot een echt insult komt. Komt het wel
tot een volgend stadium dan kan de hond omvallen op de zij
en echte convulsies (krampen) krijgen. We zien dan dat de
hond de poten helemaal strekt, de kop achterover trekt en
ligt te fietsen met de poten. Vaak zien we in dit stadium
ook speekselen en verlies van urine of ontlasting. In enkele
gevallen ook krijsen. In dit stadium is de hond buiten
bewustzijn.
In vrijwel alle gevallen komt de patiënt binnen enkele
minuten weer bij. Daarna kan de hond nog wat verdwaasd
rondlopen, maar binnen afzienbare tijd is alles weer
volkomen normaal. Bij katten zien we vaak voor het insult
ook onrust, soms heftig miauwen en grote angstogen. In het
volgende stadium net als de hond omvallen en verkramping van
de poten, soms ook het achterover trekken van de kop en
krijsen of grommen. Soms bijten de katten in hun eigen poten
of staart!
Het is heel begrijpelijk dat een eigenaar die getuige is van
een epileptisch insult in paniek de dierenarts opbelt en wil
dat de dierenarts onmiddellijk naar zijn huisdier kijkt.
Meestal is het echter zo dat als patiënt en dierenarts bij
de kliniek gearriveerd zijn, er niets meer aan de hand is.
Bovendien kan het gevaarlijk zijn om een hond of kat met een
insult te gaan vervoeren, omdat ze zichzelf gemakkelijk
kunnen bezeren ten gevolge van de totale verkramping en de
ongecontroleerde bewegingen.
Het beste is dan ook om de dieren rustig te laten liggen in
een omgeving waar ze zich niet kunnen bezeren tot de aanval
voorbij is. Er zijn ook gevallen, waarin de patiënt niet op
eigen kracht binnen enkele minuten uit een insult komt of
telkens weer opnieuw een aanval krijgt. Dan moet de
dierenarts met behulp van een injectie rechtstreeks in de
bloedbaan de patiënt uit zijn/haar insult(en) halen.
ZORGENKIND
Een epilepsie patiënt is een voortdurende zorg. Het blijft
steeds de vraag: wanneer komt er weer een insult en zou het
erger kunnen worden? Veel mensen durven eigenlijk de hond of
kat niet meer alleen te laten; stel je voor dat hij een
insult krijgt, als er niemand thuis is? Kun je de kat met
epilepsie nog wel naar buiten laten? Hoe vaak zullen honden
of katten niet 's nachts een insult krijgen zonder dat we er
iets van merken? Gelukkig valt de kans op zelfbeschadigingen
(zoals bijten op de tong) over het algemeen wel mee, maar de
kans bestaat altijd. En wat te denken van de bijwerkingen
van de medicijnen, zeker als de dosering steeds verhoogd
moet worden? Sommige mensen vrezen gedragsveranderingen,
zeker bij honden: is het nog wel vertrouwd met de kinderen,
gaat hij/zij niet bijten? En dan telkens op de meest
ongelegen en onverwachte momenten dat verschrikkelijke
beeld; de eigenaar van een hond of kat met epilepsie wordt
meestal verscheurd door medelijden en twijfel, kan niet
beslissen tot euthanasie in ernstige gevallen, vooral omdat
de patiënt tussendoor niets mankeert en volledig normaal is!
En kan er niet meer onderzoek gedaan worden naar de oorzaak,
waardoor er misschien nog meer behandelingsmogelijkheden
zijn?
VERLOOP
Er zijn gevallen bekend, waarin een hond of kat slechts
eenmaal een toeval kreeg en vervolgens levenslang nooit
meer! Daarom is het niet verstandig om na de eerste toeval
een hond of kat meteen levenslang op de medicijnen te
zetten. Over het algemeen worden anti-epilepsie medicijnen
pas ingezet, als de toevallen zich herhalen in een
onacceptabele hevigheid en frequentie. In nogal wat gevallen
zien we een geleidelijke toename van het aantal en de
heftigheid van de aanvallen, ondanks de medicatie. Het is
bekend, dat als er eenmaal toevallen zijn, de volgende
gemakkelijker op kunnen treden: de prikkeldrempel is als het
ware lager geworden.
ALLEEN LATEN/BUITEN LATEN
Zoals reeds gezegd, een hond beschadigt zichzelf meestal
niet of nauwelijks tijdens een insult. Er zijn bij ons
nauwelijks of geen gevallen bekend, waarin problemen zijn
geweest met epilepsiepatiënten die alleen gelaten zijn.
Alleen bij katten die de neiging hebben zichzelf te bijten
tijdens een insult kan het natuurlijk wel fout gaan. Maar
als je als eigenaar daar wel bij bent, is het eigenlijk ook
niet echt goed mogelijk om in te grijpen in dergelijke
gevallen. Althans niet zonder zelf risico te lopen; de kat
is immers buiten bewustzijn en ziet niet wie of wat hij/zij
bijt tijdens een insult!
Gelukkig komen dergelijke heftige insulten niet zo vaak
voor. Naar buiten laten van een kat met epilepsie vormt
enerzijds een risico, anderzijds kan het binnenhouden van
katten soms zoveel stress opleveren dat het de kans op een
toeval alleen maar vergroot. We zullen dan moeten kiezen
tussen twee kwaden!
Het kan wel raadzaam zijn om een hond of kat met epilepsie,
die (even) alleen gelaten moet worden in een omgeving achter
te laten waarin hij/zij zich niet gedurende een toeval kan
verwonden, of zaken omver kan lopen. Eventueel kunt u, als
de patiënt alleen moet blijven het homeopathische
kalmeringsmiddel Passiflora incarnata oertinctuur geven ( 3
x daags 3-10 druppels, afhankelijk van de grootte van het
dier), of bijvoorbeeld valium. Overleg altijd even met de
behandelend dierenarts hierover!
MEDICIJNEN
De medicijnen tegen epilepsie, de anti-epileptica, hebben in
veel gevallen een teleurstellende werking en ook nog nare
bijwerkingen, vooral in hoge doses. De bijwerkingen in het
begin van de medicatie, zoals sloomheid of juist onrust,
veel drinken, braken en huidjeuk, zijn van voorbijgaande
aard. Langdurig hogere doses veroorzaken leverbeschadiging.
Het vervelende is, dat er meestal geleidelijk een hogere
dosis van het medicijn nodig is. Voor de werking en
bijwerking van de geneesmiddelen is het een goede gewoonte
om regelmatig het bloed te controleren: bloedspiegel van het
medicijn en de leverenzymen. Er is in de handel een rectiole
(dat is een soort klysma) verkrijgbaar met Valium erin, die
rectaal kan worden toegediend, in het begin of tijdens een
toeval, als een orale toediening van een medicijn niet meer
lukt. Ofschoon de werking zeker niet in alle gevallen
overweldigend is, kan het in minder ernstige gevallen heel
behulpzaam zijn om een toeval te couperen, te bekorten of
zelfs te voorkomen.
Van de homeopathie kan gezegd worden, dat het in veel gevallen niet effectief is of een (soms lelijke) verergering van de klachten veroorzaakt. Redenen genoeg om met enige terughoudendheid epilepsie patiënten met homeopathische middelen te gaan behandelen. Doe het in ieder geval niet op eigen houtje; laat het over aan een dierenarts die deskundig is op het gebied van de homeopathie! Toch lukt het in een klein percentage van de gevallen een epilepsiepatiënt met homeopathie te genezen. Het is altijd weer moeilijk te bepalen of dat echt dankzij de homeopathie komt. Maar in ieder geval is het van belang voor een succesvolle behandeling, dat er voldoende symptomen en/of kenmerken zijn om te kunnen bepalen welk middel het beste past.
We geven u bewust geen lijstje van homeopathische mogelijkheden. Dit om te voorkomen, dat u de verleiding niet kunt weerstaan om het toch zelf te proberen. U kunt weliswaar met de dierenarts meedenken, graag zelfs! In de trefwoordenlijst achter in het boek 'Hond en homeopathie'' vindt u achter `epilepsie' een aantal verwijzingen. Probeer aan de hond van die gegevens, en vooral door bepaling van de meest aannemelijke type diagnose maar eens het best passende middel te vinden. Misschien kunt u wel door goed te observeren achter de aanleiding van de epileptische insulten komen!
GEDRAGSVERANDERINGEN
Uit ervaring weten we dat epilepsiepatiënten lichte
gedragsveranderingen kunnen gaan vertonen zoals
schrikkerigheid, nervositeit, onzekerheid. Voor plotselinge
agressie hoeft men eigenlijk niet bang te zijn. We maken
eigenlijk nooit mee dat een overigens vriendelijke hond
plotseling levensgevaarlijk wordt en gaat bijten. Toch
moeten we er rekening mee houden, dat epilepsie zeer veel
oorzaken kan hebben (kat!) en dat het niet uitgesloten is,
dat agressie optreedt als symptoom naast epilepsie en niet
als gevolg ervan. Maar, nogmaals, het is dus niet
gebruikelijk, dat een dier met epilepsie ook agressief
wordt.
LIJDEN
Op zich bestaat de indruk, dat een hond van een kortdurend
insult, niet al te veel te lijden heeft. Er zijn veel
gevallen bekend, waarin honden met regelmatig optredende
insulten 15 of 16 jaar oud worden! De epilepsie is dan in de
loop der tijd tot het normale leefpatroon van hond en baas
gaan horen. De heftigheid, duur en de frequentie van de
insulten bepalen of er behandeld moet gaan worden. De
reactie op de behandeling en vooral met welke dosis welk
resultaat behaald wordt is bovendien van belang om te kunnen
beslissen of er nog wel of niet sprake is van een
dierwaardig bestaan. Als een hond bijvoorbeeld 1 x per 1-2
maanden een licht insult heeft, met een snel en volledig
herstel spreken we niet van een lijdensweg en gaan we ook
niet over tot een ononderbroken medicatie.
Maar bij een hond met iedere week een salvo van 7 toevallen,
ondanks een topdosis anti-epilepticum moeten we sterk denken
aan euthanasie. Zeker als de hond zich onder invloed van de
medicijnen ook al niet meer happy voelt. Maar als je dan
weer zo'n wonderverhaal hoort van een hond die na jaren
epilepsie ondanks medicijnen, op zijn oude dag toeval- en
medicijnvrij is, besef je maar weer eens al te goed hoe
moeilijk een besluit tot euthanasie is. Niet alleen voor een
eigenaar, maar ook voor de behandelend dierenarts.
ONDERZOEK
Bij de meeste honden met epilepsie is bij nader onderzoek
(klinisch onderzoek, bloedonderzoek, röntgenfoto's, scans)
niets afwijkends te vinden. De hond is, afgezien van de
epilepsie, verder kerngezond. We spreken dan van primaire
epilepsie. Een enkele keer vinden we wel een afwijking
(bijvoorbeeld een leveraandoening of een probleem met de
suikerstofwisseling) die een verklaring vormt voor de
epilepsie aanvallen. Bij katten komt het veel vaker voor dan
bij honden dat er wel een aanwijsbare oorzaak voor de
epilepsie is, hoewel de oorzaak niet altijd even gemakkelijk
gevonden kan worden zonder al te ingrijpende onderzoeken!
Alvorens een dier levenslang tot anti-epilepsie medicijnen
te veroordelen is het zeker zinvol om een goed onderzoek te
doen naar mogelijke oorzaken, om teleurstellingen bij de
behandeling zoveel mogelijk te voorkomen!
OBSERVEREN
De oorzaak en de directe aanleiding tot het optreden van
epilepsie is meestal niet te achterhalen. Het is dan ook van
het allergrootste belang de epilepsie patiënt nauwkeurig van
dag tot dag te observeren. Het aanleggen van een dagboek kan
hierbij behulpzaam zijn. Er zijn 2 belangrijke redenen,
waarom dat observeren zo belangrijk is: In de eerste plaats
kan men na enige ervaringen soms signalen aan de hond of kat
herkennen, die een toeval aankondigen.
Het nut daarvan kan zijn, dat men dan preventief in de
toekomst een geneesmiddel kan verstrekken gedurende 1 of
enkele dagen in de vorm van valium of het reeds genoemde
Passiflora incarnata oer. De tweede reden om nauwkeurig te
observeren is, om zoveel mogelijk symptomen of kenmerken te
verzamelen, die nog een mogelijkheid zouden kunnen bieden op
een succesvolle homeopathische benadering. We kunnen dan
denken aan algemene gedragskenmerken, mogelijke aanleiding
tot het ontstaan van epilepsie, een bepaalde periodiciteit
of vast tijdstip van de toevallen, eventueel verband met
loopsheid of krolsheid of schijndracht, gedrag vlak voor of
na een toeval etc.
N.B.
Onze hand-outs worden vervaardigd aan de hand van niet
alleen wetenschappelijke literatuur, maar ook van onze eigen
inzichten op grond van persoonlijke ervaringen. Daarom kan
de informatie voor een deel afwijken van de gangbare
literatuur.
Bron: WHG Dierenartsen - www.whgdierenartsen.nl